zondag 25 juni 2006

Voetbal is oorlog

Hoewel voetbal me normaal gesproken helemaal niks doet, voel ik toch de dringende behoefte om er vandaag over te schrijven. Eigenlijk snap ik niks van voetbal; de buitenspelregel en wanneer er een hoekschop genomen mag worden, begrijp ik echter wel. Het spelletje voetbal is helemaal niet zo ingewikkeld, de bal moet in het doel van de tegenstander en je hoofd gebruik je vooral om een balletje te koppen. Dat dat op den duur niet goed kan zijn voor de inhoud van je hoofd, blijkt wel als je sommige oud-voetballers in TV-programma's hoort praten. Maar waar ik echt niks van begrijp, is de enorme gekte rond 'ons' oranje-elftal, de behoefte om heel Nederland oranje te kleuren, de aandrang om als gekken in het oranje naar Duitsland af te reizen. Huizen, auto's en zelfs honden worden geheel oranje uitgedost, niets is te gek en er worden zelfs wedstrijden georganiseerd om de prijs voor 'de mooist versierde straat' te winnen. Want het woord voetbal heeft tegenwoordig veel meer betekenis dan louter het spelletje van 22 mannen en een bal. Voetbal is overgenomen door iedereen die er geld of aandacht mee denkt te verdienen. Al gelezen over de oranje tank (mét oud-voetballer Willy van de Kerkhof) die Duitsland wel eens even zou gaan veroveren? Heel ver zijn ze niet gekomen, laten we hopen dat dat geen slecht voorteken is, deze (voetbal)oorlog heeft Oranje in ieder geval niet gewonnen! Om een indruk te krijgen, kun je het meemaken op het volgende filmpje.
Ook overal in de supermarkten en andere winkels waar je komt, heeft de gekte toegeslagen. Bij onze plaatselijke super lopen alle medewerkers in de oranje 'Lederhozen', mét staart. Het is maar goed dat het personeel na een poosje waarschijnlijk zelf niet meer in de gaten heeft hoe belachelijk dat er uitziet, maar als klant moet je er wel de hele tijd tegenaan kijken! En dan die andere super, die de alombekende wuppie nieuw leven heeft ingeblazen. Het is toch te gek voor woorden dat er hele (woord)gevechten bij de kassa plaatsvinden voor een hebbedingetje van niks. Want wat stelt een wuppie nou helemaal voor, een pluizig bolletje met een stickertje eronder? Je moet het gat in de markt er maar in zien!
Toch maakte ik gisteren ook nog iets leuks mee: bij een van de winkels van een landelijk bekende keten stond iemand een voetbalmuts uit te zoeken. Flink oranje natuurlijk en in dit geval ook voorzien van de nationale driekleur. Niets aparts op het eerste oog. Maar blijkbaar stond er geen prijs op de muts en wendde de klant zich tot een verkoopster om die te vragen. Prachtig om te horen dat het een Duitser was die daar een oranje souvenir stond uit te zoeken. Misschien is dát een goed voorteken en houden 'wij' het nog een tijdje vol in dit werledkampioenschap. Vanavond weer volop spanning voor de échte fans!

zondag 18 juni 2006

Wereldfeest in Tilburg

Voor de 19de keer werd dit weekend Festival Mundial in Tilburg gevierd. Vandaag gingen wij daarom vol verwachting naar het Leijpark in deze stad. Met tal van activiteiten, marktkramen en optredens was de sfeer er gezellig druk. Het mooie weer speelde zeker mee bij het slagen van deze dag.
Allereerst hebben wij ons tegoed gedaan aan een glaasje zomerse rosé en een flinke beker vers fruit. Daarna konden we meteen genieten van Tanbura uit Egypte. Maar behalve van de muziek geniet je tijdens het Festival Mundial minstens zo veel van het publiek. Het is meer dan een genoegen om hier 'mensen te kijken', je kunt er je hart ophalen aan allerlei mooi uitgedoste personen. Oud en jong, dik en dun, wit en zwart, het maakt niet uit; iedereen is hier met hetzelfde doel: genieten van de muziek en er een leuke dag van maken. De sfeer is ontzéttend relaxt.
Na Tanbura hebben we wat rondgewandeld over de 'wereldmarkt' en zijn vervolgens een ander podium op gaan zoeken. We kwamen terecht in de Ministerietent, waar Los Fakires uit Cuba optraden. Vergelijkbaar met de Buena Vista Social Club uit datzelfde land, met dezelfde (nou ja, niet helemaal) oude mannetjes. Maar muziek dat ze maken, gewéldig!
Na dit optreden werd het tijd voor het wat grotere werk en zijn we naar het Millenniumpodium gegaan voor Los de Abajos uit Mexico. Een spectaculair optreden met veel swing in de muziek.
Toen het tijd werd voor een hapje was er genoeg te kiezen, van gewone Hollandse friet tot Thaise menu's. Wij kozen voor de total mixte met couscous van de Afro-Latin food. Heel duidelijk wat daarvan de oorsprong is, was dat dus niet. Maar wel heel erg lekker!
Om het voortreffelijke maal een beetje te laten zakken, zijn we weer een keer rondgelopen en kwamen zo ook bij het Nationaal Ballet van Rwanda terecht. Het was er veel te druk om het goed te kunnen zien, maar de glimpjes die we er van opvingen waren de moeite waard.
Uiteindelijk werd het tijd om ons weer naar het Millenniumpodium te begeven voor het optreden van Angelique Kidjo uit Benin. We kenden haar al van een paar cd's, maar 'live' was ze nog veel indrukwekkender. Met haar geweldige stem trekt ze veel registers open, ze weet ook heel goed hoe ze haar publiek moet bespelen. Ze waagde het zelfs om een hele tijd al zingend tussen het publiek door te lopen. Achtervolgd natuurlijk door camera- en geluidsmensen. Uiteindelijk had ze een aantal mensen op het podium verzameld die voor haar en het publiek moesten dansen. Het was een waar spektakel!
Na dit geweldige optreden was het voor ons tijd om weer huiswaarts te keren. Het was weer een geweldige zondag in het zuiden.

maandag 12 juni 2006

Over hoeden en meisjes

Deze week zijn wij in Vietnam en vandaag reisden wij met een gids van Ho Chi Minh City naar Phan Thiet. Onderweg vertelde hij ons allerlei wetenswaardigheden over het leven in Vietnam en één daarvan is me in het bijzonder bijgebleven.
Langs de weg zagen we overal een soort bladeren te drogen liggen die bijna helemaal hun kleur verloren hadden. Omdat Bièn een goede gids is, hoefden wij niet te vragen waar die bladeren voor dienden. Hij vertelde dat van deze plataanbladeren de bekende Vietnamese hoeden worden gemaakt, 'non la' genaamd. Deze hoeden hebben velerlei functies en de echte kun je herkennen aan 16 ringen aan de binnenkant. De ringen hebben als functie om de hoed passend te maken en het aantal van 16 heeft te maken met de leeftijd waarop meisjes vroeger tot de volwassenen werden gerekend. Op die leeftijd kregen ze een hoed met 16 ringen aan de binnenkant, ze werden verondersteld die als bescherming tegen de zon en de regen op te zetten. Daarnaast was zo'n hoed erg handig als zo'n meisje even in verlegenheid gebracht werd door een leuke jongen, ze kon er dan haar gezicht een beetje achter verbergen.
Later, als ze mee moest werken op het land werd de hoed gebruikt om er eten in te bewaren en om er water in te doen om het gezicht mee te wassen.
Als de vrouw eenmaal moeder was geworden, stopte ze lekkere dingen voor de kinderen in haar hoed als ze naar de markt geweest was. Tenminste de moeder van onze gids deed dat!
Tegenwoordig zie je nog veel vrouwen met deze hoeden in Vietnam, maar niet meer zoveel jonge meisjes. Zij dragen liever een baseball cap, een overblijfsel van de Amerikanen dat hier erg populair is geworden.

zondag 4 juni 2006

Bewegen is goed voor mij

Het is lang geleden dat ik zo slank was als een den. Zo slank zijn als mijn dochter is een doel dat ik gelukkig niet hoef na te streven, mijn zonen zijn trouwens wél erg dun. Vroeger kon ik eten wat ik wilde, er kwam geen grammetje aan. Om mijn figuur te behouden deed ik niks bijzonders, gewoon iedere dag fietsen en sporten hoorde bij mijn normale leven.
Dat is de laatste jaren wel anders! Door mijn werk leid ik vooral een zittend leven, buiten de deur verplaats ik me voornamelijk met de auto. Alleen als het echt mooi weer is, komt de fiets nog wel eens buiten voor een plezierritje. De kilo's zijn er dan ook zichtbaar bijgekomen en voor sporten kon ik tot voor kort nooit de tijd en gelegenheid vinden. Als gewetensusser staan daarom boven wel een aantal fitness apparaten, maar meestal ontbreekt de discipline om daar ook daadwerkelijk gebruik van te maken.
Maar zoals het vaak bij mij gaat, kwam ik ook hier op een punt dat ik zo niet verder wilde. Ik had al een paar keer op internet gezocht naar mogelijkheden om verantwoord te bewegen en daardoor wat af te vallen, toen er een folder in de bus viel die precies aan mijn verwachtingen voldeed. Reclame van een instituut voor slankheid en figuurcorrectie met daarin de aanbeveling dat hun programma ook heel goed werkt voor mensen die niet zo van sporten houden! Daar moest ik meer van weten.
Nadat de folder meer dan een week op mijn bureau had gelegen, was ik zo ver dat ik een afspraak moest maken van mezelf. Een vrijblijvende figuuranalyse en uitleg over hun programma, met daarbij een prognose van het aantal centimeters dat eraf kan.

Zelf zeggen ze daarover: 'Wij zijn zo overtuigd van het succes van onze methode, dat we je zelfs schriftelijke garantie geven op het resultaat. Mocht je het door ons gegarandeerde resultaat niet bereiken, dan betaalt het instituut je een evenredig deel van de kuurkosten terug. Zo kun je zonder twijfels aan je kuur beginnen.'

Dat is nogal wat, een centimetergarantie. Maar het is me al wel snel duidelijk dat ik het werk daarvoor zelf zal moeten doen. In een verwarmde cabine moeten een half uur lang 10 oefeningen uitgevoerd worden die speciaal 'op mijn lijf' geschreven zijn. Aanvankelijk iedere oefening 15 keer, maar uiteindelijk zal dat aantal opgevoerd worden tot 60x per oefening. Alle oefeningen doe je liggend en door de warmte ontstaat er geen spierpijn. Als beloning mag je na afloop nog 15 minuten relaxen in een ozoncabine; je ligt er wel als een kip in de oven bij, maar het voelt héérlijk!

Tenslotte krijg je ook nog voedingsadviezen van een gediplomeerd diëtiste, geen strenge regels maar er wordt gekeken wat voor jouw situatie het beste is.

Na 2 bezoeken aan het instituut ben ik al meer dan een kilo kwijt; als dat zo doorgaat, is het niet onmogelijk dat ik na de 30 keer waarvoor ik ingeschreven sta de 15 kilo lichter ben waarop ik stiekem hoop! Tot nu toe valt het dus alleen nog maar mee.

zondag 28 mei 2006

Autogeluk en autopech

Drie jaar geleden kocht ik een Twingo met het Renault New Deal Plan. Dat beloofde me dat na 3 jaar de auto ingeruild kon worden voor een nieuwe met verlenging van het contract. Dat klonk goed en de verdere voorwaarden waren oké, dus ging ik akkoord en reed 3 jaar heel gelukkig rond in mijn autootje. Vrijdag was het echter tijd om eens te gaan praten over die belofte van toen. Inmiddels verhuisd en dus als klant van een andere garage/dealer was ik benieuwd of de belofte daar ook nagekomen zou worden. Ik ging maar met één eis de onderhandeling in: voor hetzelfde bedrag per maand een nieuwe auto van dezelfde kwaliteit. Het was een prettig gesprek met de autoverkoper van Autocup Heijen, we kwamen er samen al heel snel uit en met bijbetaling van één extra euro per maand rijd ik over 6 weken weer in een spiksplinternieuwe Twingo. Deze keer zelfs mét airco, cadeautje van Renault. Helemaal tevreden reed ik dus naar huis om daar het blijde nieuws te vertellen.
Het is dan wel afgelopen met mijn bijzondere kleurtje (Bleu Éole) waar ik nu in rijd, helaas is die niet meer leverbaar. Aanvankelijk had ik daarom gekozen voor Bleu Crépuscule (nachtblauw), dat is ook erg chic! Helaas bleek na 2 dagen dat die voor mijn model niet leverbaar is en nu wordt het een Rouge Cerise, totaal anders dus.


's Avonds reden we met onze ándere Renault van Oss naar huis, nadat we onze oudste zoon naar het station hadden gebracht. Bijna thuis hield de Scenic (pas 4 jaar oud) er helemaal mee op. Alle lichtjes gingen branden en dat was het dan. We stonden in het bijna donker op een smalle landweg in de binnenlanden van Mill. Leve de mobiele telefoon, de ANWB was gauw gebeld. Na slechts een kwartiertje wachten zagen we de bekende gele bus al aan komen rijden. Een vriendelijke wegenwachter had het probleem snel gelokaliseerd, de distributieriem was geknapt. Voor de kenners onder jullie zal dat de ernst van het mankement meteen duidelijk maken, voor de leek: dat is een serieuze zaak met kans op een beschadigde motor en veel onkosten. Gelukkig zijn wij in het bezit van een WW-totaal abonnement en hebben daardoor recht op een vervangende auto gedurende 3 werkdagen. Dat kon meteen geregeld worden en nadat we met auto en al naar de dichtstbijzijnde garage in Mill waren gesleept werden we netjes thuis afgeleverd door de jongen van de Wegenwacht. In Cuijk stond een auto voor ons klaar en gelukkig doet mijn Twingo het altijd. Zo reden we 's avonds laat nog naar Cuijk om daar een VW Golf Plus op te halen, zodat we komende week gewoon allebei onze eigen weg kunnen gaan.
Zaterdagochtend moest er van alles geregeld worden met de garage waar de Scenic zo lang 'gestald' was. Het blijkt een hele prettige onderhoudsgarage te zijn waar ze genoeg expertise in huis hebben om de auto te maken. Ze gaan stap voor stap kijken hoe de reparatie het beste aangepakt kan worden, zodat de kosten zo laag mogelijk blijven. Als de auto niet klaar is voordat de vervangende auto terug moet, krijgen we kosteloos van deze garage een vervanger zo lang als nodig is. De persoonlijke betrokkenheid van deze mensen is geweldig, de Scenic blijft voortaan bij Vloet Autocenter in Mill in onderhoud!
Op één dag ontdekten wij dat er nog heel vriendelijke en behulpzame mensen in de autobranche werken. Dat is een verademing, want in onze vorige woonplaats hebben we dat wel eens anders meegemaakt!

zondag 21 mei 2006

Doorsneeweekje?

Doorsneeweken ken ik eigenlijk niet, er is altijd wel iets dat het ritme 'verstoort'. Maar deze week kwam heel erg dicht in de richting van! Althans zo leek het zondagavond toen ik in mijn agenda de komende week doornam. Drie dagen werken in groep 8 op de basisschool, onderhoud aan enkele websites en wat administratie bijwerken. De avonden waren allemaal nog heerlijk leeg! Er was zelfs nog ruimte over voor een grote klus en de ramen konden aan de buitenkant wel een sponsje gebruiken. Dan kon ik er eindelijk eens al dat gele stof en het opgewaaide zand afpoetsen.
Maandag en dinsdag waren inderdaad 'normale' dagen, 's ochtends half 7 op en meteen aan de slag. Hond uitlaten, opruimen, op maandag naar school en dus de ramen. Op dinsdag waren die alle 15 aan de beurt geweest. Dat geeft toch een lekker voldaan gevoel, zo'n doorsneeweekje is zo gek nog niet! Op woensdag stond ik al om kwart voor 8 op de markt voor de wekelijkse portie groente en fruit en natuurlijk het brood van Jaan de Graaf. Te vroeg eigenlijk, want het 'schaaltje' (kassa met geïntegreerde weegschaal) was nog niet aangesloten. Maar even na 8-en had ik al mijn boodschapjes bij elkaar en kon ik op tijd naar school.
's Middags kwam er een kink in de kabel, de doorsneeweek werd ernstig verstoord door een heel droef bericht. Onze overbuurman was op dinsdagavond overleden, voor de avondwake op vrijdagavond en de begrafenis op zaterdag werden wij beleefd uitgenodigd. Zo'n mededeling zet je meteen weer met beide benen op de grond.
Op donderdag ging de doorsneeweek voorlopig gewoon even door, 's ochtends naar mijn demente moeder die net door de kapper onderhanden werd genomen. Voor het eerst aan bed, omdat het voor haar niet meer doenlijk is om in de rolstoel bij de kapper te zitten. Ze geniet wel van alle aandacht en het gefrummel, maar eigenlijk wordt ze er veel te moe van. Toen ook nog haar nagels gelakt werden, was ze weer helemaal 'de dame'.
's Middags moest ik voor een afspraak op tijd in Uden zijn, maar er bleef ook nog tijd genoeg over voor de wekelijkse boodschappen en wat wasjes tussendoor.
Op vrijdag de laatste schooldag deze week en dat moet eigenlijk een gezellige dag zijn. Dat kon ik deze keer niet echt waarmaken. Een ruzie die op donderdag na school begonnen was, liep zo uit de hand dat er een fikse knokpartij ontstond tussen enkele jongens. Dat gaat hard tegen hard als jongens van die leeftijd met elkaar op de vuist gaan en daar wil niemand graag tussenstaan! De rest van de dag stond in het teken van dit incident met gesprekken voor en na school met ouders en de betrokken kinderen. Van doorsnee was hier helemaal geen sprake meer! Moe en eigenlijk nog steeds heel boos begon ik aan mijn weekend, dat voorlopig in het teken stond van de dood. Beide diensten, zowel de avondwake als de begrafenis, waren heel indrukwekkend met veel inbreng van kinderen en kleinkinderen. Na afloop tijdens de koffietafel werd er al weer gezellig op zijn Brabants 'gebuurt', zo hoort het ook op begrafenissen.
's Avonds hadden wij een helemaal-niet-doorsnee feest: een barbecue ter gelegenheid van een verse 50-jarige. Iedereen die zich het weer van zaterdagavond 20 mei kan herinneren, zal begrijpen dat dat heel bijzonder was! De regen kwam met bakken uit de lucht en de wind deed verschrikkelijk zijn best om alles van zijn plaats te krijgen, maar wij sloten onze doorsnee week zo heel gezellig af. Regen en wind trotserend met lekkere gerechten op de barbecue, zaten wij al tafelend in een open tent waar de wind hard aan trok en de regen vrolijk binnensijpelde.

zondag 14 mei 2006

Een ouwe rot in zijn vak

Maandag 8 mei, 20.50 uur precies begon Carlos Santana aan een geweldig concert in Ahoy. In het lange voorprogramma speelde zijn zoon Salvador Santana met zijn band, voor ons had dat wat korter gemogen! Alhoewel er ook hele goede stukken bij waren, werden we soms overspoeld door een kakafonie aan geluid waar de zangeres dan nog eens overheen wilde.

Nee dan papa Santana, een echte ouwe rot in zijn vak. Met zijn bijna 59 jaren (20-07-1947) doet hij voor niemand onder. Ogenschijnlijk ontspannen, speelt hij de sterren van de hemel.
Ahoy zat vol fans en de sfeer was grandioos, het leek behoorlijk uitverkocht alhoewel er nog tot op het laatst kaarten beschikbaar waren.
Ook zijn muzikanten, de uit 9 personen bestaande band Santana, droegen bij aan de topprestatie. Opvallend waren de percussionisten (Karl Perazzo en Paul Rekow), die samen met de drummer Dennis Chambers garant stonden voor opzwepende ritmes. In de band speelt ook een uit Nederland afkomstige basgitarist: Benny Rietveld. Deze jongen uit Utrecht verhuisde in zijn jeugd naar Hawaii, waar hij 2 jaar de University of Hawaii College of Music bezocht.
Samen met keyboard-man Chester Thompson, zanger Andy Vargas en zanger/gitarist Tommy Anthony speelde Carlos Santana het ene na het andere nummer, daarbij begeleid door Bull Ortiz op trompet en Jeff Cressman op trombone. Zowel oude hits als nieuwe nummers werden vol overgave gebracht. Natuurlijk reageerde het publiek vooral op de 'ouwe gouwe hits' zoals Black Magic Woman en Oye Como Va. Het was een wervelende show zonder oponthoud. Zou je verwachten dat iemand van 58 na een uur wel aan een pauze toe zou zijn, dan had je het compleet mis. Tot dik half 11 werd er gespeeld en daar bleef het niet bij. Ook voor de toegift(en) werd er ruim de tijd genomen, om 10 over 11 werd er pas definitief gestopt.
Het was meer dan de moeite waard om dit concert bij te wonen, te ondergaan is misschien een betere uitdrukking. Maar toch is er iets dat we gemist hebben, we hebben ons verbaasd over het ontbreken van Samba Pa Ti, een nummer dat zo helemaal bij dit optreden gepast zou hebben. Tot het laatst toe zijn we blijven hopen, maar zelfs bij de toegift mochten we het niet horen...

zondag 7 mei 2006

Wonderschoon Wallonië?

Voor de proloog van de Giro d'Italia werd dit jaar het plaatsje Seraing uitgekozen, net onder Luik. Omdat in dit geval een stukje Italië opeens heel dichtbij kwam, reden we op een zonnige zaterdag naar België. Buiten Seraing waren op parkeerplaatsen die bij het vliegveld van Luik horen voldoende gratis plaatsen gecreëerd en met bussen werden we naar het centrum vervoerd. Prima geregeld dus.
In Seraing aangekomen zagen we vooral veel roze, dé kleur van de Giro. Speciaal voor de gelegenheid was ook een groot aantal Italiaanse motoragenten meegekomen, er waren zelfs Italiaanse ambulances uit Milaan. Het weer werkte, op één flinke bui na, ook prima mee. Het sfeertje was heel zomers.
De wedstrijd zelf was een individuele tijdrit voor alle 198 renners, er werd om de minuut gestart en er moest een parcours van 6,2 km worden afgelegd. Dat betekent voor de toeschouwers ruim 3½ uur wielerspektakel. Er zat zelfs een heus colletje in deze proloog, er was dan ook écht iets te zien!
Tot zo ver de mooie wielersport, de omgeving waarin de wedstrijd plaatsvond was een ander verhaal. Seraing in Wallonië of all places, hoe zijn ze ooit op dát idee gekomen? Alles wat je je bij een Waalse industriestad voorstelt, klopt voor Seraing. Vies, vervallen, stank etc. Er was niet eens moeite gedaan om de bouwvallen te verbergen of tijdelijk op te knappen. Voor het oog van de hele (wieler)wereld stond het stadje er te verkommeren, troosteloos en smerig.
Denk aan een vergelijkbaar evenement in Nederland en je kunt je meteen voorstellen dat er van tevoren flink gewerkt en opgeknapt wordt. Eigenaars van bouwvallige panden worden aangeschreven dat ze (in ieder geval aan de straatzijde) het een en ander op moeten knappen en de betreffende gemeente zal zeker ook zelf aan de slag gaan. Langs de route moet alles er tiptop uitzien. Overal worden prullenbakken neergezet om mensen aan te moedigen de straat netjes te houden.
Zo niet in Seraing, op het parkeren na en de geplaatste dranghekken was er niks van enige voorbereiding door de gemeente zelf te merken. Afvalbakken waren er ook niet, het laat zich raden waar iedereen de lege colablikjes en meer heeft achtergelaten. Na afloop trok het toeschouwerslegioen weer naar de bussen en bleef Seraing in al zijn vergane glorie verlaten achter.

zondag 30 april 2006

Duitse Douane

Vorige week kwamen we met een koffer te weinig in Nederland aan. Onze 3de koffer konden we niet zelf meenemen omdat we teveel gewicht ingepakt hadden. In totaal mochten we 40 kilo aan bagage inchecken, wij hadden 15 kilo over. De extra kilo's betalen en alsnog inchecken is een hele dure grap, dus wij hebben één koffer als 'unacompanied baggage' per vrachtpost verstuurd. Ook niet echt goedkoop, maar te doen. Omdat we dichter bij het vliegveld in Düsseldorf wonen dan bij Schiphol, stuurden we de koffer daarheen.
Vrijdag moesten we daarom naar Duitsland om onze laatste bagage op te halen. Dat ging niet zonder slag of stoot. Eerst en vooral was er eerder in de week bijna een hele ochtend mee gemoeid voordat het precies duidelijk was waar de koffer opgehaald kon worden en hoe de procedure was. Uiteindelijk kon een aardige Australiër (in Düsseldorf) van Qantas exact uitleggen wie er gebeld moest worden en waar we naar toe moesten. Op de, overigens zeer vriendelijke, Duitse medewerkers was het spreekwoord 'van het kastje naar de muur...' zeer toepasselijk. Dat was achteraf een alleszeggend voorteken!
Op naar Düsseldorf dus, een uurtje rijden van Mill. Ondanks het aanbreken van de meivakantie in Nederland en het lange weekend van 1 mei in Duitsland, zat het verkeer mee en stonden we inderdaad na 55 minuten voor de slagboom bij DUS Air Cargo Center. Die slagboom ging niet zomaar open, vanachter een raampje zat ons eerste obstakel driftig nee te schudden. Mét de 'bewijspapieren' in mijn hand liep ik naar hem toe, maar hij bleef maar terugwijzen. Uiteindelijk kon ik hem duidelijk maken dat we écht aan de andere kant van zijn slagboom moesten zijn en mochten we doorrijden. DUS Air Cargo Center heeft 4 ingangen, A-B-C en D, op ons papier stond dat we Eingang C moesten hebben. Toen dachten we nog dat het zo gepiept zou zijn, maar C was pas het eerste loket. Daar hadden ze inderdaad een document voor ons en na betaling mochten we door naar de volgende ronde: volgens de beambte meteen links onder de trap door de deur en dan rechts. Zo gezegd zo gedaan, maar dat was hélemaal fout. Na overhandiging van het net verkregen document werden we toegesnauwd (echt waar) dat we hier 'nicht richtig' waren en moesten we terug. Daar hadden we niet zoveel zin in, we wilden precies weten waar we dan wél heen moesten. Met veel armgebaar en harde woorden begrepen wij er eigenlijk nog niks van. Gelukkig kwam er net een vriendelijke Duitse jongen aan (van allochtone afkomst zo te zien) die ons meenam en de juiste weg wees. Bij dit loket waren we inderdaad goed, het was al wel hindernis nummer 4 als je de slagboom meerekent. De douane-beambte die ons ging helpen vroeg als eerste:"Ausweis bitte"! Echt waar! Toen hij onze verwarde gezichten zag, voegde hij daar aan toe:"Passport is auch richtig". Maar de toon was gezet. Na veel stempels en gegevens overtikken op de computer, werden we naar de volgende verwezen. Nog steeds konden we onze koffer niet ophalen, terwijl we al getekend hadden voor correcte ontvangst én betaald voor de afhandelingskosten. Eerst moesten we naar nóg een loket (nummer 5), daar wilden ze ook weer geld van ons voor het 'bewaren' van onze koffer. Uiteraard moesten daar weer formulieren voor ingevuld worden met veel stempels erop. Met het laatste officiële papier in onze hand werden we weer naar C gestuurd om daar te wachten tot onze naam zou worden omgeroepen. Op mijn vraag:"Wie lange geht dás dauern?" kreeg ik slechts opgetrokken schouders en 2 opgeheven handen met de palmen naar boven als antwoord. Het laatste obstakel bleek een soort IKEA magazijn te zijn waar met steekwagentjes rondgereden werd om 'das Gepäck' uit de rekken te halen. Na een laatste handtekening konden we eindelijk, na ongeveer een uur van loket naar loket te zijn gestuurd, onze 3de koffer (met voornamelijk vieze was...) mee naar huis nemen.

zondag 23 april 2006

Het gewone leven begint weer

Na een vakantie van 3 weken in Australië, zijn wij weer aan ons 'gewone leven' begonnen. Huis en tuin, vrienden, familie en werk vragen weer de normale aandacht en voor je het weet, is alles weer als van ouds.
Gelukkig hebben wij de foto's nog! Meer dan 300 foto's hebben we gemaakt, waarvan het grootste gedeelte op internet staat. Die foto's zullen samen met stukjes tekst verwerkt worden in een groot boek, zodat we steeds weer opnieuw kunnen genieten van onze vakantie. Maar daarbovenop hebben we dit jaar voor het eerst ook een DVD van onze vakantie gemaakt. Daarop staan een aantal korte videootjes met bijpassende muziek plús nog een keer het grootste gedeelte van de foto's. Het leuke van zo'n DVD is dat je de foto's op TV-formaat kunt kijken. Dan zie je nog beter hoe geweldig het was in Australië.
Zo'n DVD is ook gemakkelijk mee te nemen als je ergens op bezoek gaat. Wordt er dan naar de vakantie gevraagd, dan kunnen de verhalen 'verluchtigd' worden met beeldmateriaal.
Hieronder een kleine selectie uit alle foto's, van iedere week dat we in Australië waren zie je hier 2 opnames: Klik op de foto voor meer beeld

maandag 17 april 2006

Eten in Sydney

Na ruim 2 weken zijn we nu in Sydney aangeland. Een wereldstad die gezellig druk aandoet.
Iedereen heeft wel eens van Sydney gehoord en de meeste mensen associëren het met het bekende Sydney Opera House. Prachtig, inderdaad.
Maar wat ons vooral is opgevallen, zijn de grote aantallen Aziatische restaurants die je overal ziet. Natuurlijk is Australië geografisch ook meer met Azië verwant dan met Europa, maar door allerlei Europese (vooral Engelse) gebruiken die men hier heeft overgenomen, zou je dat bijna vergeten.
Vandaag, zondag 16-04-2006, hebben we gegeten bij Regal. Dat is een enórm Chinees Restaurant waar de gerechten niets met de kaart van de Nederlandse Chinees te maken hebben. Geen Babi Pangang en geen Nasi Rames, maar allerlei gestoomde vlees- en visgerechten.
Ook het bestek ontbreekt, alleen stokjes liggen klaar.
De bezoekers zijn voornamelijk Aziatisch, een enkele witte Australiër (of Europeaan) waagt zich aan een tafel in Regal.
Na de dim sim lunch vorige week in Perth, durfden wij het wel aan om bij Regal te gaan eten. We hadden al gezien dat het er behoorlijk druk kon zijn, dus gingen we op tijd op pad. Gelukkig was er nog wel een tafeltje voor ons en werden we vlot van een kaart en advies voorzien. Stokjes werden uit de verpakking gehaald en klaargelegd en een servet op je schoot uitgespreid (dat doen ze hier op veel plaatsen voor je, het lijkt op een soort ritueel...).
Toen we tot bestellen overgingen, kregen we van de manager zelf de waarschuwing dat we wel een érg Chinees getint gerecht hadden besteld. Misschien vergisten we ons en wilden we toch wat anders? Maar het was een bewuste bestelling: Yams. Dat zijn een soort zoete aardappelen, je moet er van houden, best smakelijk in combinatie met bijvoorbeeld vlees.
We hebben er heel lekker gegeten, mét stokjes en maar een beetje geknoeid. Om te beginnen een dim sim entree voor 2 (garnaal, varkensballetje en loempia - lekker makkelijk met stokjes ;-) en als hoofdgerecht eenmaal Chinese spare ribs en eenmaal crispy duck gevuld met yams. Yammie, yammie kun je wel zeggen. Compleet met gestoomde witte rijst hebben wij dat lekker uit ons bakje zitten lepelen (met stokjes uiteraard).
Standaard werd er een toetje van het huis geserveerd, bestaande uit vers fruit.
Na afloop kwam de manager nog maar eens vragen hoe de yams gesmaakt hadden, we konden hem geruststellen! Toch attent!

zondag 9 april 2006

Op de helft

Halverwege onze vakantie in Australië zijn we in Perth aangekomen. Na ruim een week de stilte van Central Australian en de Northern Territory vinden wij het hier wel heel druk. Liepen we een paar dagen geleden nog in stille verwondering rond Ayers Rock, gisteren verbleven we de hele dag op een toeristisch eiland in de Indische Oceaan: Rottnest Island.
Ayers Rock ligt midden op de heilige grond van de Aboriginals en alles is daar omgeven met mystiek. De grote rode kolos ziet er iedere minuut anders uit, afhankelijk van het licht en de hoek van waaruit je hem bekijkt. Heel Uluru - Kata Tjuka National Park is een aparte belevenis die je eigenlijk niet mag meemaken zonder goede uitleg van een gids. Wij werden daarin bijzonder goed geholpen door Ray en Dave, de 2 buschauffeurs annex gids annex kok/cateraar die onze dagtrip verzorgden. Alle lof voor hun organisatietalent!
Ook het verhaal dat na zonsondergang de weinig verharde wegen in de outback worden 'geteisterd' door kangoeroes hebben we met eigen ogen kunnen zien. Wij begrijpen nu waarom het niet toegestaan is om een rental car tussen dusk en dawn te gebruiken. Tenminste, gebruiken is één ding maar je kunt je niet verzekeren tegen animal damage. Tijdens onze busrit in het donker hebben we zeker 40 springers langs de kant van de weg zien zitten, springers die rustig een andere kant opgaan dan de richting waarin ze kjken. De meeste kangoeroes werden keurig ontweken door Ray of Dave, afhankelijk van wie reed, maar eentje heeft het helaas met de dood moeten bekopen! Deze jongen verkoos de dood boven het leven en sprong op het laatste moment tóch voor de bus. Een harde klap maakte een einde aan dit kangoeroeleven. In de bus werd gehuiverd...

Nee, dan Rottnest Island, daar mogen geen auto's komen. Kangoeroes komen er trouwens niet voor, wel quokka's. Quokka's zijn kleine buideldieren die nog het meest aan ratten doen denken. Ze zijn echter allesbehalve eng, hebben zelfs een hoge aaibaarheidsfactor. Omdat ze geen natuurlijke vijanden op het eiland hebben, laten ze zich gemakkelijk benaderen én aaien. Ze zitten het liefst in de schaduw, maar komen zeker naar je toe als je ze aanhaalt. Met wel 5 tegelijk blijven ze achter je aanlopen, om dan opeens weer in de bossen te verdwijnen. Het zijn grappige nieuwsgierige beestjes die ondanks de vele toeristen op het eiland nog steeds geen afkeer van mensen hebben.

maandag 3 april 2006

Australië's outback


In het Desert Park Museum in the Alice (zoals de Aussies Alice Springs zelf noemen), zijn verschillende woestijnhabitats uit Australië bij elkaar gebracht. Vogels, slangen en andere reptielen, insecten, ratten, muizen, maar ook kangaroes en emoes. Het lijkt een heel groen park omdat er uit verschilende delen van Australië planten zijn overgebracht, maar ook de grassoort spinifex (ongeveer 60% van Australië is hiermee bedekt!) en de white gum tree die hier al van nature groeien. Al met al ziet het er redelijk groen uit en is er veel variatie. Dat is heel anders als je er vanuit de lucht naar kijkt. Vanuit het vliegtuig is de woestijn vooral een hele uitgestrekte rode vlakte met hier en daar een groen vlekje. Maar er is dus volop leven in de outback!
Zondag hebben we een rit van anderhalf uur gemaakt om dat met eigen ogen te zien. We reden over een kaarsrechte weg (Stuart Highway) en kwamen maar heel zelden iemand tegen. Links en rechts van de weg, overal waar je kijken kunt, strekte de outback zich voor ons uit. Soms afgeschermd met hekken om de kangaroes van de weg te houden. Helaas lukt dat niet altijd, de enige kangaroe die we zondagmiddag in het wild hebben gezien was dan ook een dooie. Op sommige plaatsen langs de Highway zijn cattle stations en zie je over een enorme uitgestrektheid paarden grazen in de droogte.
Ons uiteindelijke doel waren de Henbery Meteorite Craters, waarvoor we dus eerst 130 km over een kaarsrechte asfaltweg reden om vervolgens nog 15 km over een dirtroad (rode steenslag) te moeten. Eigenlijk mochten we met onze huurauto niet van de harde weg af, dirtroads zijn ten strengste verboden, gelukkig hebben we geen lekke band of andere pech gehad!
Eenmaal aangekomen bij de Craters zagen we wel de verrassing van ons leven, want er liep een heuse dromerdaris rond. Overal lag trouwens ook dromedarispoep, dus er moeten er meer geweest zijn. Inmiddels hebben we ons laten vertellen dat die dromedarissen (camels worden ze hier genoemd) afstammen van door de Engelsen ingevoerde Afghaanse exemplaren. De karavaan werd begeleid door Afghaanse kamelendrijvers en ingezet om in de bevoorrading van Alice Springs te voorzien. De spoorlijn van Adelaïde naar Alice Springs, die in 1929 dit werk en de kamelen overbodig maakte, is genoemd naar hen: de Ghan. De kamelen zijn toen losgelaten en lopen sinds die tijd in het wild rond. Markant detail hierbij is dat er inmiddels camel farms zijn in de outback die de daar gefokte kamelen verkopen aan sjeiks in Saudi-Arabië. Hiervoor worden de kamelen weer gevangen om mee te fokken.
Op de plaats van bestemming zaten trouwens weer zo ontzettend veel vliegen - wat wil je ook met al die kamelenpoep - dat we er niet lang gebleven zijn. We hadden genoeg outback gezien voor een dag. 's Avonds konden we de woestijnbewoners nog eens op ons gemak bekijken in het Desert Park Mueseum in Alice Springs, daar was namelijk de openingsreceptie van het internationaal pneumokokkencongres waarvoor we hier zijn. Het enige dier wat er volgens mij echter ontbrak, was de kameel!

zondag 26 maart 2006

Feest van herkenning en een verre reis



Op één dag na was ik gisteren voor de tweede keer in een half jaar op een reünie. In september was het groot feest om veel mensen van de middelbare school weer te zien en gisteren vierden we die herkenning met 20 klasgenoten van onze eerste klas uit 1972 van de Pedagogische Academie. En herkenning was er, soms wat aarzelend in het begin, maar meestal direct en volop aanwezig. Wonderlijk ook hoe vertrouwd je met mensen kunt zijn die je zo lang niet gezien hebt. Hoe vaak ik gisteren gehoord heb dat ik nog niks veranderd ben - en dan ga ik er maar even van uit dat dat minder over mijn uiterlijk dan over mijn uitstraling ging - kan ik niet navertellen. Zelf hervond ik ook meteen in iedereen de persoon die ik meer dan 30 jaar geleden voor het laatst had gesproken. Gemoedelijk hadden we het over van alles en nog wat en samen haalden we veel herinneringen op. Omdat het maar om een klein groepje ging, kon dat ook gewoon - onderwijsmensen eigen - in de kring!
Met de zaaleigenaar was afgesproken dat er muziek uit de jaren 70 gedraaid zou worden, maar ik kan me geen enkel nummer herinneren. Waarschijnlijk produceerden we zelf zo verschrikkelijk veel herrie, dat er geen muziek tegenop kon! Gelukkig werden we regelmatig voorzien van vers spraakwater, zodat onze tongen niet vastliepen.
Met deze hernieuwde kennismaking kunnen we er weer een tijdje tegen om elkaar niet te zien. Maar in tegenstelling tot de afgelopen 30 jaar, zullen we deze keer wat gemakkelijker contact houden. Natuurlijk hebben we adressen en telefoonnummers uitgewisseld, maar door de weblog die ik voor de reünie heb gemaakt, kunnen we elkaar altijd bereiken. En dankzij de e-mail is het ook eenvoudiger om snel even wat aan elkaar te vertellen. Zo blijven we, als we willen, van elkaars doen en laten op de hoogte.



Donderdag a.s. vertrekken Ger en ik voor 3 weken naar Australië. De laptop gaat mee en als het even kan, zal ik vanaf deze plek ook af en toe iets melden vanuit down under. Om te beginnen vanuit Alice Springs, waar we 6 dagen zullen verblijven. Dus even geen stukjes uit Mill en geen belevenissen uit die buurt, maar berichten uit den vreemde.
Volg onze avonturen op deze weblog en op http://gerenriky.waarbenjij.nu

zaterdag 18 maart 2006

Op Spaans Avontuur


Voor het eerst in weken scheen de hele dag de zon op zaterdag. Daarmee hadden we enorm geboft, het was prima weer om onze Spaanse culinaire wandeling in Antwerpen te gaan maken. Het was wel steenkoud, vooral de wind was heel onaangenaam.
In verband met een bijzondere gelegenheid hadden wij een weekendje Antwerpen aangeboden gekregen, met daarin opgenomen bovengenoemde culinaire wandeling. We begonnen 's ochtends om 11 uur in een eeuwenoude kelder midden in Antwerpen. Onze gids Mieke Busman stelde zich voor en startte meteen met de 'les' door ons op de kaart mee te nemen naar de wijngebieden in Spanje. De eerste proeverij was daarmee begonnen: een Cava van het huis Palau. Champagne mag je het niet noemen, maar de Spaanse benaming 'método traditional' voldoet ook prima.
De eerste stopplaats op de Nationaalstraat voerde ons via het museum Plantin Moretus (drukkunst) naar het Huis De Spiegel. Dit huis heeft de oudste pagaddertoren van Antwerpen en is tegelijkertijd het oudst bewaard gebleven woonhuis van de stad (1496), helaas is het iets te grondig gerestaureerd en doet het niet meer echt oud aan. Na deze geschiedenislessen van Mieke, togen we naar El Valenciano: dé Spaanse winkel van Antwerpen met een uitgebreide en zeer oude wijnkelder. In die kelder gingen wij sherry proeven, een Manzanilla afkomstig uit San Lucar de Barramedo. Hierbij kregen wij Spaanse kazen (schapenkaas Manchego en Mahon, een koekaas uit Menorca) en charcuterie (Jamón Serrano, Jamón Iberico, Chorizo en Salchichón). Mieke vertelde er uiteraard een leuk verhaal bij, o.a. over gewone en over zwarte varkens.
We hadden het inmiddels wel erg koud, want in de kelder was alles 'lekker' behalve de temperatuur. Zo veel mogelijk de zon opzoekend wandelden we verder richting Schelde en gingen bij Otterman (een Nederlandse wijnhandel in Antwerpen) 3 verschillende olijfoliën proeven (Hojiblanca, Manzanilla en Arbequina). Zo van het lepeltje of naar believen met een stukje brood. Ook stonden er olijven om van te smullen.
De laatste etappe voerde ons via de Paardenmarkt naar de Ankerrui, waar ons bij het originele Spaanse Routiers Restaurant Las Mañas een stevige lunch stond te wachten. Een voorafje van ansjovis met (met de hand gepelde) rode paprika, gevolgd door 2 pittige stoofschotels (Cordero Guisado: lamspot en Zarzuela de pescado: vispot), aangevuld met wijn uit verschillende wijngebieden in Spanje. Wij zelf hielden het hierbij op een Rosado uit Navarra, heerlijk.
Ter afsluiting dronken we nog cafe bonbon of cafe cortado.
Zo'n wandeling is voor iedereen aan te raden, houd er wel rekening mee dat je er (bijna) een hele dag mee kwijt bent. Meer informatie erover vind je op www.culinairewandelingen.be of www.antwerpenaverechts.be