dinsdag 29 juni 2010

Alles weer normaal


Gewoon dinsdag vandaag en alles lijkt weer even normaal. Vorige week om deze tijd waren we in Parijs waar we het ProBiotech2010 congres bijwoonden. Na een rustig weekend en een normale maandag met heel veel achterstallige klussen en 's avonds Spaanse les, was het vorige week dinsdagochtend al heel vroeg dag. Om half 6 liep de wekker af en wij vertrokken vroeg naar 's Hertogenbosch waar wij de trein naar Rotterdam namen. Tenminste richting Rotterdam, want in Tilburg moesten wij nog een keer overstappen om op de plaats van bestemming te komen. Het bleek een heel gedoe te zijn om met bagage in een drukke forensentrein een plekje te vinden. Vroeger hadden NS-treinen tenminste nog bagagerekken boven de stoelen, maar tegenwoordig moet je maar zien waar je je spullen laat. De minimale ruimte die daar voor beschikbaar is, voldoet in ieder geval niet.
In Rotterdam bleek dat de Thalys naar Parijs een vertraging van 25 minuten had (dat is dus de tijd die deze trein erover doet om van Amsterdam naar Rotterdam te rijden, vreemd dat er al van vertraging gesproken wordt als de trein gewoon nog niet vertrokken is...), maar gelukkig was het lekker weer en hebben wij heerlijk in de zon op de trein staan wachten.
Toen we eindelijk in de snelle trein naar Parijs zoefden, werd het nog spannend of we wel op tijd in Montparnasse zouden zijn voor de middagsessie van het congres. We arriveerden in het Marriott terwijl de deelnemers al aan de lunch zaten en er was lichte paniek bij de organisatie omdat ze niks van ons gehoord hadden. Ze bleken een sms gestuurd te hebben, maar die is tot op de dag van vandaag nooit aangekomen. Na een snelle lunch was het tijd voor mijn echtgenoot om zijn lezing te houden. Tussen de deelnemers waren een aantal mensen die we ook al in Kosice gezien en gehoord hadden. Na de koffiepauze ben ik aan het congres ontsnapt en naar buiten gegaan. Even van Parijs genieten en van het mooie weer.
Aan het einde van de middag hadden we nog tijd voor een glas rosé op een terras aan de Blvd. Saint Jacques en daarna werden we verwacht op het cocktaildiner. Het was meer een walking dinner met allemaal (lekkere) kleine hapjes.

De volgende ochtend begonnen we met een overleg over een nieuw onderzoek met probiotica en daarna zijn we met de metro naar Châtelet gegaan om daar ergens te lunchen. Met al onze bagage wilden we ook nog even naar Centre Pompidou, maar daar mochten we niet naar binnen met onze tas en koffer. We kregen niet eens de kans om onze spullen bij de garderobe af te geven, jammer.
Aan het begin van de middag was het tijd om met de RER naar het vliegveld Charles de Gaulle te gaan. Via Londen naar Aberdeen is niet leuk, van de chaos van Charles de Gaulle naar de heksenketel Heathrow. Dat betekent uren op het ene of het andere vliegveld hangen en wachten tot je mag boarden. 's Avonds om een uur of 8 landden wij uiteindelijk in Aberdeen en waren nog net op tijd in ons hotel om voor sluitingstijd van de keuken (9 uur) in het restaurant te kunnen eten. We logeerden in het Soprano St. Magnus Court Hotel, een prachtige naam voor een zeer matig hotel. Ondanks de 4 sterren was de luxe ver te zoeken. Een slecht Engels sprekende receptionist, geen lift (wel erg steile trappen), heel traag internet, badkamer die niet goed afgewerkt was (en dat is vies..) enz..

Het congres was buiten de stad en de volgende ochtend moesten we al vroeg met de bus naar het Aberdeen Exhibition & Conference Centre. Omdat we niet precies wisten bij welke halte we uit moesten stappen, vroegen we de chauffeur of hij ons wilde waarschuwen. Toen dat wel érg lang duurde voor ons gevoel, ben ik me bij hem gaan melden en toen bleek dat hij ons vergeten was en dat we al 2 haltes te ver waren. Heel fijn.
Het congres was gróót en druk en omdat we nét te laat kwamen voor de eerste sessie (met dank aan de buschauffeur) hebben we ons eerst geregistreerd en zijn daarna naar de technische ruimte gegaan om de presentatie op de computer daar te zetten. Na de koffiepauze begon het uiteindelijke congres voor ons. Ook hier zagen we weer een aantal mensen die ook in Kosice waren.
De lunch was echte Schotse stew met mashed potatoes, stevige kost en véél (er werd voor je opgeschept, niks tegen in te brengen). 's Middags was mijn echtgenoot aan de beurt, hij presenteerde erg goed en het was een verademing na zijn voorganger uit Cambridge die probeerde om 20 minuten in een kwartier te praten. Na de lezing ben ik te voet teruggegaan naar het centrum van Aberdeen (ongeveer 75 minuten stevig doorstappen, dat was wel nodig na de stew) en het eerste half uur is mijn echtgenoot met me meegelopen in plaats van de koffiepauze en postersessie bij te wonen. Op zijn programma stond nog een workshop en ik ben even aan het werk gegaan in het hotel.
Aan het einde van de middag heb ik het centrum van Aberdeen verkend en uiteindelijk mijn echtgenoot van de bus gehaald. Om 7 uur was het alweer tijd om met een speciale bus naar het congresdiner vervoerd te worden. Dat was buiten Aberdeen in Ardoe House en wij hoopten dat dat een echt Schots kasteel zou zijn. Dat viel tegen, het was 'gewoon' een Mercure hotel - dat weliswaar wel in een mooi oud gebouw gevestigd was - en het diner was in een modern bijgebouw. Het was een massaal gebeuren met redelijk eten voor Engelse begrippen dat opgeluisterd werd door een Schotse violist, jammer dat er geen doedelzakspelers waren. Nou ja, misschien ook niet zo erg.

Onze laatste ochtend in Aberdeen hebben wij gebruikt om echte Engelse thee te kopen voor onze buurvrouw die thuis voor de kat zorgde. In een tweedehands boekenzaak (Beans and Books) waar je ook koffie kon drinken, hebben we van de echte Engelse sfeer genoten en toen was het tijd om uit te gaan checken en met een taxi naar het vliegveld te gaan. Deze vlucht ging via Heathrow naar Schiphol, waar we de trein naar Den Bosch moesten hebben (met overstap in Utrecht) waar onze auto nog stond. Om 11 uur 's avonds waren we in Mill.

Op zaterdag moest er gekookt worden voor het etentje bij ons thuis met de promovenda en haar echtgenoot die gisteren (maandag) in Utrecht gepromoveerd is. Ze deed het erg goed, ondanks het snikhete weer en de voetbalmanie die overal heerste. Om 4 uur was het opeens heel erg rustig op de receptie na afloop, de meeste gasten waren terug te vinden in één van de oranje gekleurde kroegen op het Wed waar massaal naar Nederland-Slowakije gekeken werd.
Na de wedstrijd was er nog een diner in Oudewater, het stadje van de heksenwaag en decor van de Swiebertje-opnamen. Er was een mooie lange tafel gedekt en de promovenda werd omringd door familie, vriendinnen en (co-)promotores met aanhang.

En vandaag was het een gewone dinsdag, alleen de temperatuur was allesbehalve normaal. Na een lange werkdag hebben we nog gezellig koffie gedronken bij de buurvrouw en nu beginnen we langzaam met de voorbereidingen voor het komende Tour-weekend in Rotterdam. En daarna nog een paar dagen en dan gaan we eindelijk écht niks doen in Frankrijk.

Deze week op Station Mill: Alweer onderweg


Geen opmerkingen:

Een reactie posten